06-03-12

'Een boer moet heel lang met zijn mond open op een heuvel staan voordat er een gebraden eend in vliegt' (Chinees spreekwoord)

Jean-Claude-Chanudet-lo.jpg

Een ontmoeting met Jean-Claude Chanudet van Domaine Chamonard...

Zoals iedereen die iets met wijn te maken heeft wel weet, heb je sinds de jaren ‘80 in Beaujolais de bende zonder zwavel, met als bekendste naam de vorig jaar overleden Marcel Lapierre. De andere protagonisten zijn Yvon Métras (Fleurie), Jean-Paul Thévenet (Morgon) , Guy Breton en Jean Foillard (Morgon). Deze vrienden zijn onder invloed van een zekere Jules Chauvet zuivere wijn gaan maken. Ze gaven elkaar wat bijnamen (La Stone, L’avion, Petit Jean, P’tit Max, …), kwamen regelmatig bijeen om elkaars wijnen te proeven en te becommentariëren en de rest is geschiedenis. Ze hebben goed geboerd – je hoeft maar een Parijse bistro of één van de betere restaurants in Frankrijk te bezoeken en de kans is behoorlijk groot dat je één van hun lekkere gamay’s gaat kunnen drinken. Ze wonen tegenwoordig in mooie huizen en zijn door de toch wel conservatieve wijnwereld gerespecteerd. Wat opmerkelijk is, is dat ze door de jaren heen een constante kwaliteit hebben kunnen  garanderen, ondanks de voortdurende uitbreidingen van hun wijngaarden en een zekere sterrendom. Persoonlijk heb ik nooit een favoriet gehad. Elk jaar had ik wel een voorkeur en daarvan kocht ik dan wel wat flessen, meestal 12, van: Lapierre in 2001 en 2005, Métras in 2004 en 2006, vader Thévenet in 2006, maar ook in 2010, en zoon Charly Thévenet in 2007. Het jaar 2009 vond ik te warm, maar zeer recent heb ik een Descombes Brouilly van dat jaar gedronken en hallelujah, het was raak: het bewijs dat je lekkere gebalanceerde sappige wijnen kunt maken in een warm jaar. Of eigenlijk de uitzondering die de regel bevestigt.

Enkele maanden geleden ben ik nog maar eens afgezakt naar Beaujolais, net zoals ik regelmatig Jura aansnijdt. Ik had via via een naam en een tip meegekregen, meer niet… En meer moet dat niet zijn om er ter plekke een bezoek te brengen aan een voor mij onbekende wijnbouwer, tussen de andere traditionelere pitstoppen uit de streek: de b&b van de Foillard’s, een bezoekje aan Métras, een aperitiefje drinken bij Jambon alvorens af te zakken naar La Table de Chaintré, de vakmanschap ervaren bij Domaine Valette, een simpel hapje in Restaurant des Sports in Fleurie, …enz.

Schrijf nu op  een kladje papier de volgende naam en ga op zoek naar zijn wijnen en vooral drink ze, dagelijks : Jean-Claude Chanudet van Domaine Chamonard. Ik wist niets van deze man af. Er werd telefonisch, daar zijn huis moeilijk te vinden is, aan de kerk van Villié-Morgon afgesproken. Tot mijn verbazing was Jean-Claude een generatiegenoot van Lapierre. Wat verder opviel was zijn enorm postuur, dat fel contrasteert met de fijne wijnen die hij maakt. Voor de rest kon ik onmiddelijk voelen dat  ik duidelijk met een eigenwijze man te doen had. Het domein heeft hij overgenomen van zijn schoonvader, Monsieur Chamonard, een man die al een generatie ervoor in alle stilte ‘natuurlijke wijnen’ maakte. Zijn drang naar authenticiteit ging zo ver dat hij zelfs weigerde om electriciteit te gebruiken tijdens het vinifiëren, wat betekende dat de kelder enkel met kaarsen werd belicht. Een hele strijd werd het als de schoonzoon, na de overname van het domein, eventjes ging moderniseren door bijvoorbeeld gloeilampen in de kelder te laten installeren. Ik zal het hele relaas van onze ontmoeting niet doen, maar laten we zeggen dat ik er een zeer lange degustatie van zijn verschillende jaargangen heb mogen ervaren en dat ik tevens een uitnodiging kreeg om ‘s anderdaags mee te ontbijten bij het afhalen van de gekochte wijnen. Zo gaat dat bij de echte wijnbouwers in een streek zoals Beaujolais. Dan de wijnen: deze zijn zondermeer uitzonderlijk goed!!!  Enkele jaargangen van zijn Morgon’s, maar ook zijn gelimiteerde Fleurie waren absolute top dat je maar zeer zelden aantreft. Hier wordt op finesse en evenwicht gewerkt. Ik heb uit zijn mond tevens twee woorden Engels gehoord bij het beschrijven van enkele wijnen van de bende zonder zwavel en andere streekgenoten: ‘too much…’ en ik ging hier volledig mee akkoord. Eigenlijk van de eerste seconde bij onze ontmoeting zaten we voor vele dingen op één lijn. Voor de rest voelde ik bij hem niets anders dan respect voor zijn dierbare kameraad, Marcel Lapierre, die toch wel de weg geopend heeft voor gelijkgezinden, maar ook de wijnen uit de Beaujolais, dat tot dan toch wel een lamentabele reputatie had. Er werd met Beaujolais gelachen! Aan elke tafel moest Bordeaux of Bourgogne geserveerd worden. Eventueel bij wild een Chateauneuf-du-Pape, liefst van een warm jaar… Die tijden zijn al lang vervlogen.

p1010679-1.jpg

Er werd mij tijdens de vele discussies met Jean-Claude eventjes verweten dat ‘wij’ enkel de grote namen kennen. Wat weliswaar waar was, maar ik kaatste de bal terug en vroeg wat hij gedaan heeft om bekend te zijn, waar hij bijvoorbeeld in Parijs of België te koop was. En uiteraard kon ik zeggen dat ik er toch maar stond, 6 uren rijden van mijn woonst, in zijn kelder, geïnteresseerd om zijn verschillende jaargangen te proeven en zijn Morgon en Fleurie 2010 aan te schaffen. Uiteraard vroeg ik hem ook naar andere onbekenden, misprezen wijnmakers uit de regio en uiteraard werden er wat namen uitgewisseld. Wijnbouwers … correctie, goede wijnbouwers, zien andere wijnbouwers niet als concurrenten. Soms duurt het alvorens je de herkenning krijgt die je verdient. Er is soms een gebrek aan commerciële visie, marketing, positionering, netwerking, .. zodat zelfs de meest fantastische producten niet aan de man kunnen gebracht worden. Soms is het gewoon een kwestie van brute pech. Ik geloof wel dat kwaliteit uiteindelijk vaak boven komt.

Ik wil met dit artikel dan ook pleiten om ook eens voor de minder bekende wijndomeinen te gaan. In het geval van dit domein is de kwaliteit mijn inziens minstens evenwaardig en in bepaalde jaren zondermeer beter dan de ‘grote’ namen. Komt daar nog bij dat je bij aanschaf aan het domein (en waarschijnlijk ook bij een importeur) zo maar eventjes 50% minder zult betalen dan bij de gevestigde waarden. Ga nu op zoek naar wijn van Descombes (Brouilly 2009!!!), Dutraive (mmmmhhh, zijn Fleurie 2010), Coquelet 2011 (absolute top), Jambon (extreme natuurlijke wijnen en dus op eigen risico), … 

19-09-11

Ode aan Gamay??

 

gamay,poulsard,beaujolais,lapierre,beauger,overnoy,thiebaud,wijn

Het begon eigenlijk als een grap, een boutade. Ik schreef enkele jaren geleden op deze blog dat Gamay de koning van alle druiven was. Weg met Merlot, Syrah en Cabernet! Later vatte ik het samen met de woorden dat wijn gemaakt van de Gamay-druif met elk gerecht te combineren was: een stukje vlees, een lekkere vis, wat stinkende kaas, een bord charcuterie,  … noem maar op, het wijntje zou het wel overleven. Wat zeg ik, het zou het gerecht naar ongekende hoogtes stuwen. En zoals bij Wikipedia wordt fictie realiteit, Het onbeduidend druifje wint (en daar heb ik niets, maar dan ook niets mee te maken) meer en meer aan populariteit. Het wordt nu zelfs te pas en te onpas vergeleken met Pinot noir, for God’s sake.  Er is duidelijk een tendens naar meer drinkbare wijn, vol sap en zonder pretentie. En eigenlijk voorspel ik zelfs een hype: ‘een gamay uit BoJo, voor mij aub’. ‘Doe maar eentje van de 6 zonder zwavel’. Iedereen blijkt nu Lapierre te kennen, wat zeg ik, hij blijkt iedereens’ vriend te zijn geweest. ‘Ja, die dekselse Marcel’. ‘The Stone’! En het gaat nog verder, en dit heb ik van een wijnbouwer: iedereen heeft nu zelfs Jules Chauvet, de godfather van natuurlijke wijnen en negoce van Gamay-wijnen, ooit wel eens ontmoet, zelfs als het mathematisch omwille van de leeftijd onmogelijk blijkt te zijn. ‘Ja, Mijnheer, ik heb ook wel eens aan tafel gezeten met  Jules en lol dat we getrapt hebben. Lekker achterover geslagen de talrijke glazen wijn’. Klopt niets van. Mijnheer Chauvet was droger dan een wolle sok, na een beurt in de droogkast. 'Geen greintje plezier,' aldus de bejaarde wijnmaker.

We zijn nu enkele jaren later en ik sta nu bij vriend, kennis en wijnwereld bekend als een Gamay-liefhebber, of eigenlijk een promoter van deze edele druif. Niets op tegen. Er zijn ergere dingen in het leven. Vraag het maar aan Garry Glitter.

Ik hou van de Beaujolais-streek, waar mocht u het niet weten, Gamay nogal wat aangeplant staat. Leuke streek, dat ik toch 2 tot 3 maal per jaar moet bezoeken (net zoals Jura eigenlijk). Het is niet al te ver, je kan er lekker eten en goedkope wijn kopen. Ik heb hier en daar mijn adressen, die ik hier op deze blog al uitvoerig heb vermeld. Je blijft, ondanks de herhaaldelijke bezoeken, dingen ontdekken: een nieuw restaurant, een bio-shop, een wijnboer die al zo veel jaren lekkere wijnen maakt in de schaduw van de grote 'natuurlijke' namen (kent u trouwens de wijnbouwer met de bijnaam l’Avion?). Maar er worden nog in een andere streek lekkere Gamay’s gemaakt, namelijk in de meest onderschatte wijnregio in Frankrijk: de Auvergne, een gebied met een zeer ver wijnverleden, dat nu volledig lijkt uitgeroeid te zijn. En wat blijkt nu: het is daar tussen de uitgestorven vulkanen, dat wijnboeren zoals Stephan Majeune, Jean Maupertuis, Patrick Bouju en nog enkele anderen fantastiche zuivere wijnen produceren. Trouwens de lekkerste Gamay dat ik dit jaar gedronken heb is die van Pierre Beauger, de V.I.T.R.I.O.L. 2009. Man, man, zo lekker. 

Picture 119.jpg

Goed, de Gamay. Eigenlijk, vind ik het fijne aan deze druif dat het de bodem (eigenlijk het terroir om vollediger te zijn) zeer mooi weergeeft. Je kan dus duidelijk een Fleurie van een Morgon onderscheiden. De eerste is zeer vrouwelijk, bloemig en fluwelig in tegenstelling tot een meer mature en krachtiger wijn. Je kan zelfs, als de wijn zuiver gemaakt wordt, het verschil tussen een Cotes du Puy en een Morgon detecteren. Probeer het eens!

Maar dames en heren, eigenlijk is Gamay ook maar een simpel druifje, vinden jullie ook niet? Het mist toch wel wat complexiteit, zelfs als het afkomstig is van het beste terroir. In magere jaren zijn Gamay-wijnen zo verdund dat je beter druivensap drinkt. En van dat combineren met voedsel, vergeet het. Een stukje vlees met wat smaak, zal elke Beaujolais de das om doen, zeg maar dat St. Etienne het gezegd heeft. Bij kaas kan je beter een Savagnin drinken. Dat passeert veel beter. En ik moet bekennen dat ik in rood meestal Poulsard-wijnen drink, zeker als ik leuke vrienden in de buurt heb. Vaak zijn deze wijnen uit Jura sappiger en zeer zeker complexer dan Gamay-wijnen. Ooit al eens een Overnoy of Thiebaud (wow, de 2009, voor beiden) gedronken? Het wordt wel eens tijd… Serveer Gamay aan je schoonfamilie.  

22056_100275793340680_100000747784625_5669_7130431_n.jpg

01-06-09

Domeinbezoeken Deel 3

 

decoration

 

 

 

Yvon Métras in Fleurie (Beaujolais) - de stille teruggetrokken wijnboer: ontvangt zeer weinig mensen, maar ik vermoed dat mijn telefoon de dag ervoor met de vraag voor een bezoek de dag nadien, op een goed moment viel. Je moet soms wat geluk hebben. Ik heb toen heel lang moeten zoeken naar het domein en zelfs mensen uit de straat staarden mij aan bij de vraag waar Yvon Métras woonde. Feit is dat ik daar tussen 17 en 3u  's nachts heb doorgeracht. Bij Yvon was er toen net een vervelende ziekte geconstateerd (dat nu gelukkig onder controle is) en zijn vrouw had hem net verlaten.  Ik mocht toen echt niet weg, en heb toen zeer veel verschillende jaargangen kunnen proeven. Op mijn vraag naar een lekkere Moulin-a-vent wijn wist hij mij een primeur te geven, omdat hij net wat gronden had gekocht en dat hij weldra een cuvée op de markt zal brengen. Ook een leuke anekdote is dat jaren geleden jaarlijks een dikke Engelsman met zijn Rolls Royce langskwam met zijn jonge zoon. De zoon is nu één van de allerbeste koks ter wereld, Heston Blumenthal. Ik heb er toen trouwens ook de gemoedelijke gastvrijheid ontdekt uit de Beaujolais: lekker brood, veel worst, wat kaas op tafel en uiteraard nog wat meer flessen. Waar aanvankelijk niets te koop was, was tegen middernacht alles te koop. Ik heb toen zeer veel 2006 aangekocht. Tegen 3u ben ik samen met Yvon op zoek gegaan naar mijn auto. Ik dacht ergens aan de kerk.

Lapierre2

Marcel Lapierre te Morgon (Beaujolais) - "Mais merde, il a raison", hoorde ik Marcel, de leider van de bende zonder zwavel roepen vanop de koer aan het wijndomein, nadat ik een licht-gekurkte fles had gedetekteerd. Eerst dacht hij dat het reductie was, en nadat ik volhield dat het kurk was liep hij naar buiten om op de koer te gaan ruiken. Het leuke was dat ik duidelijk geslaagd was voor het examen en uitgenodigd werd om bij hem thuis alle 2005 uit vat te gaan proeven. De vinificatie-kelder is in een gebouw vlak bij zijn huis, op 500m van het wijndomein. Hier ontvangen ze meestal geen bezoekers. Er is toen veel over Jules Chauvet gesproken, die er op stond van nooit in een kelder te proeven, zodat we hem imiterend telkens naar boven moesten gaan voor het volgend vat te proeven. Marcel heeft veel te danken aan zijn ontmoeting met deze persoonlijkheid. Ik kon het niet nalaten van hem er op te wijzen dat Jules allicht vele mensen heeft ontmoet, maar dat hij één van de weinige was die er echt iets mee gedaan heeft. Af en toe een persoonlijk oprecht complimentje kan nooit geen kwaad. Ik herhinner mij dat we de degustatie afgesloten hebben zij aan zij, pissend tegen de muur van de schuur. En spijtig genoeg kon ik niet blijven eten, anders had ik het zeker gedaan. Sinds enkele jaren is Mathieu, de zoon verantwoordelijk voor het domein.

 

Jean Foillard: dit is mijn invalsbasis, mijn chambre d'hôtes. Al vaak gebruikt als stopplaats tijdens onze reis met het gezin naar het zuiden of bij een bezoek aan de streek. Nog nooit wijnen op het domein gedegusteerd. Wel leuke kamers en fantastich ontbijt.

decoration

Philippe Jambon - of hoe zeg je op een beleefde manier dat zijn wijnen niet echt stabiel zijn? Bij mijn bezoek in de streek van Beaujolais, ga ik graag eten in La Table de Chaintré. Vermits het domein vlakbij ligt, durf ik eens binnen te springen bij de familie Jambon. Mevrouw Jambon heeft trouwens enkele jaren in de keuken van het restaurant gewerkt, en het is zo dat ik hen heb leren kennen. Philippe is naar mijn gevoel de meest integere wijnbouwer op deze planeet (allicht samen met Jean-Marc, die duidelijk betere wijnen maakt). Als ik mij goed herhinner is Philippe als sommelier begonnen. Als wijnbouwer schuwt hij echter elke vorm van compromis. Ik ben er zeker van dat hij zeer expressieve wijngaarden heeft. Hij neemt echter gigantische risico's in de kelder, op zoek naar ...., ja op zoek naar wat? Zijn wijnen zijn nooit heel lekker, en zeker niet stabiel, maar ik vind het altijd leuk bij hem langs te gaan, totdat het tijd is om te gaan eten. Een vorm van uitgebreid aperitieven, zeker. Philippe appreciëert mijn ongezoute mening op zijn wijnen. Het mooie is dat er toch nooit geen wijnen te koop zijn, daar er wel altijd iets zal zijn dat maakt dat er nog wat meer élevage moet gebeuren.

decoration